Zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad
Bereken zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad. De reserve blijft buiten gebruik. Lekkage, onbruikbaar tankvolume, verdamping, veranderend verbruik en waterkwaliteit kunnen de werkelijke duur verkorten. Test ook een hoog verbruik.
Gebruik de opgegeven eenheden en geldige waarden.
Gebruik de opgegeven eenheden en geldige waarden.
Gebruik de opgegeven eenheden en geldige waarden.
De reserve blijft buiten gebruik. Lekkage, onbruikbaar tankvolume, verdamping, veranderend verbruik en waterkwaliteit kunnen de werkelijke duur verkorten. Test ook een hoog verbruik.
Over deze berekening
Bereken zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad met de genoemde invoer en eenheden. De reserve blijft buiten gebruik. Lekkage, onbruikbaar tankvolume, verdamping, veranderend verbruik en waterkwaliteit kunnen de werkelijke duur verkorten. Test ook een hoog verbruik.
Zo gebruikt u deze rekenmachine
- Voer Bruikbare watervoorraad (liter) en Gemiddeld dagverbruik (liter/dag).
- Controleer de eenheden en invoergrenzen.
- Pas de waarden aan om een ander scenario te vergelijken.
Formule en methode
A × (1 − C ÷ 100) ÷ B; A = Bruikbare watervoorraad (liter), B = Gemiddeld dagverbruik (liter/dag), C = Niet te gebruiken reserve (%)
De formule gebruikt de ingevoerde waarden zonder externe gegevens.
Rond alleen het getoonde resultaat af; behoud de invoereenheden.
Rekenvoorbeeld
In dit voorbeeld: A = 1000, B = 120, C = 20.
A × (1 − C ÷ 100) ÷ B
Zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad: 800
Interpretatie
De uitkomst is een schatting onder de genoemde aannames.
De reserve blijft buiten gebruik. Lekkage, onbruikbaar tankvolume, verdamping, veranderend verbruik en waterkwaliteit kunnen de werkelijke duur verkorten. Test ook een hoog verbruik.
Veelgestelde vragen
Zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad?
A × (1 − C ÷ 100) ÷ B; A = Bruikbare watervoorraad (liter), B = Gemiddeld dagverbruik (liter/dag), C = Niet te gebruiken reserve (%). De formule gebruikt de ingevoerde waarden zonder externe gegevens.
Rekenvoorbeeld?
In dit voorbeeld: A = 1000, B = 120, C = 20. Zelfvoorzieningsduur van een watervoorraad: 800.
Welke beperkingen gelden?
De reserve blijft buiten gebruik. Lekkage, onbruikbaar tankvolume, verdamping, veranderend verbruik en waterkwaliteit kunnen de werkelijke duur verkorten. Test ook een hoog verbruik. Controleer de eenheden, aannames en toepasselijke regels voordat u beslissingen neemt.